logonaam

De inpoldering van de Van Wuijckhuisepolder

inpoldering

Na het inpolderen van de Seydlitzpolder(1865), Visartpolder(1869), Vergaertpolder(1878) en de Mossel en Kanaalpolder(1900) kwam ook het idee om het nog open maar verzande oostelijke gedeelte van de Braakman in te dijken.

Zo werd in 1910 door de Directie en Registratie der Domeinen te Middelburg vergunning aangevraagd om te bedijken “gronden in het "Axelsche- gat” onder de Gemeente Hoek.De vergunning werd verstrekt op 24 februari 1911. Dit door het Ministerie van Waterstaat

Om tot aanleg over te gaan moesten er eerst voldoende financiële middelen zijn. Zo is er gezocht naar voorfinanciers en die werden gevonden in dhr. M.L.Thienpont uit Oudenaarde, O. Claeys Fievé, A. Osterrieth- Lippens en Y. Cortvriendt.

Thienpont dacht op weg naar Oudenaarde,
waar hij zijn meeste geld bewaarde,
Ik stop een deel van dat
in de modder van het Axelsche-gat,
en vermeerderde op die manier zijn “slijk der aarde".

Ook de vereniging van eigenaren van de Zevenaarpolder deed mee. Deze kochten gronden in de nog niet bestaande polder met de bedoeling die later met winst te kunnen verkopen of zelf te gaan beboeren. Hierdoor werd het benodigde bedrag van fl.63900.- bij elkaar gebracht en kon het werk beginnen.Van Wuijckhuise1915

De aanbesteding was op 11 april 1911. Daar werd gekozen voor een ouderwetse bedijking d.w.z. afdamming van een verzand gedeelte van de Braakman. Het bestek sprak over “spekdammen en voorversching” met cement- ijzeren duikers en buizen en een glooiing van briksteen en keien. Deze laatste werden gelegd tussen de krikpalen en kwamen v.n.l. uit de groeven van Lessines en Quenast.

De werken stonden onder hoofdopziener der Domeinen in Zeeland dhr. I.L. van Wuijckhuise(1844-1928).Deze was een man van formaat in de waterbouwkunde. Om hem voor zijn grote verdiensten te eren werd op voorstel van de Vereniging van Eigenaren van deze polder aan de Staten van Zeeland gevraagd de polder naar hem te mogen vernoemen. Hiervoor werd toestemming verleend.

Na nog een onvoorziene doorbraak in 1911 kwamen de werken gereed in 1912 en was de 214 ha grootte van Wuijckhuisepolder een feit.

naar boven